Sonntag, 25. März 2012

het universum van de Veda.

Een belangrijk aandachtspunt die het Hinduïsme en het Boedhisme maakt "voorafgaand" aan de religieuze activiteit is een psychologische analyse. Meer bepaald wordt een aanname gemaakt rond bewustzijn. Men maakt onderscheid tussen twee vormen van bewustzijn. De eerste representeert een externe straal en is gebaseerd op de externe wereld. Hetgeen samengaat met bijvoorbeeld wetenschappelijk denken. De tweede vorm van bewustzijn is een interne straal en is een zich afsluiten van de externe wereld en vertrouwen op de eigen kennis. Dit onderscheid is belangrijk doch niet de essentie van de psychologische voorbeschouwing. Wat dat wel is, is het feit dat in wezen onze eigen kern sociaal is. We hebben het potentieel om door middel van sociale relaties onszelf te ontwikkelen en wijsheid te genereren die anders niet tot stand komt. Het sociale zorgt voor een purificatie van kennis. Deze attitude is anders dan de westerse attitude die veel meer uitgaat van individuele vrijheid en een geloof dat daarmee samengaat.

In wezen is zelfgenoegzaamheid kenmerkend voor beiden met het verschil dat onder vorm van het sociale zijn in het Oosten dit een betere connotatie heeft. Zilberman stelt dat door de werking van Upamana deze sociale identiteit door middel van het realiseren van een Vedisch universum voor vruchtbare resultaten zorgt. In wezen baseert men zich steeds op voorbeelden (beispiel in het Duits) die ervoor zorgen dat een oneindige vorm van denken wordt gecreëerd. Een bewustzijn zonder grenzen binnen eigen grenzen. De relatie leraar/leerling wordt hierbij als "voorbeeld" genomen waarbij de twee vormen van bewustzijn en kennis door elkaar worden verbonden. Dit verloopt in eerste instantie via de leerling en de taak van de leraar is vooral het voorzien van vormen. Typisch aan deze relatie binnen deze context is dat de leerling met de structuur zijn eigen ding kan doen. Het is niet zoals in het oudere Westen van de kerk waar snel met de vinger wordt gewezen. Binnen deze interactie is het belangrijk dat logisch denken aanwezig is (dit is een voorwaarde) en deze logica overstijgt zich dus op individueel vlak. Dit is echter geen filosofie en voor een filosofie te ontwikkelen moet er uit de sociale interacties en de verschillende contexten een overstijging ontstaan. Dit ontstaat door onderscheidend denken, een denken gebaseerd op verschil, en binnen een context die zelfgenoegzaam is. Die dus niet afhankelijk van externe gegevenheden is. Zoals een afgezonderde filosoof.

Dit principe is zeer belangrijk in het Hinduïsme gezien er veel varianten bestaan binnen deze religie doch zij worden allen verbonden met elkaar. Dit wordt gedaan door middel van de darsana's wat zoveel wil zeggen als visie. Op die manier wordt een onafhankelijke oneindige manier van denken gegenereerd die overeenstemt met het in zichzelf gekeerd bewustzijn.

De darsana's zijn:

Vedanta: gedachten als actie
Mimamsa: actie als gedachten
Nyaya: woord als gedachten
Vaisesika: gedachten als woord
Samkhya: actie als woord
Yoga: woord als actie

Op deze manier wordt het Vedisch universum gecreëerd binnen de Hindu-filosofie. Doch er gebeurt meer. Er wordt een levensstijl gepromoot die vrijheid binnen deze regels waarborgt. Zo kan er aan spiegeling gedaan worden, het symboliseren van bepaalde objecten. Tevens kan alles hierdoor worden geïnterpreteerd.

Het idee van universele liefde vind ik hierin terug omdat de gehele cultuur onafhankelijk van de andere realiteit staat. Het lijkt als een subcultuur al worden de darsana's als objectief beschouwd. Doel is steeds het tot oplossingen komen en vervolgens de-realiseren en dus terugbrengen naar het in zichzelf keren en relativeren (wat niet cultureel noch natuurlijk is). Het is in wezen een beloning krijgen voor het zich afsluiten van het andere. Doch wel hierbij de innerlijke kracht in zichzelf extra benadrukkend.

Heidegger heeft gesteld dat de beste weg van onderzoek naar het zijn het Dasein is. In wezen wordt hier ook gebruik van gemaakt. Al is het wel niet volledig zo kritisch dan in het Westen. Er is inderdaad wel een psychologische voorbereiding zou je misschien mogen stellen doch de kritische ingesteldheid vervaagt. In het Westen is een pluralisme wat uiteindelijk veel steun wegneemt en een geloof in universele liefde wegbant doch wel ervoor zorgt dat gedachten bij aanvang niet zo veel betekenen.

Wat wel zo is dat je kan stellen moest er trouw en geävanceerd rond deze oosterse manier van leven zou worden geleefd dat de zaken veel meer gestructureerd zouden zijn. In plaats van machtsverhoudingen zouden de achterliggende sociale krachtpunten worden aangesproken. Het leren als zodanig. Er wordt sterk benadrukt dat het hier eigenlijk om een leerproces gaat. Niet zozeer de majeure principes worden veranderd maar wel het leerproces als zodanig. De realiteit wordt in wezen eigenlijk niet ontkent.

Kommentare:

  1. Gedachten die niet zo veel betekenen, dat is liberalisme. Wat te veel begint te betekenen vormt een dreiging voor dogma, en dogma dat is het einde van verfrissing en vernieuwing, herbronning misschien. Geen religie zonder leven, en pijn is het teken bij uitstek dat het leven weerspannig is. Lachen met het leven, dat is alles uit halen wat in zit. Dat is sarcasme. Energie en structuur, dat is gekte, leven zonder hoger plan, leven met het hogere doel. In zich.

    Detail is goddelijk, absoluut. Je ervaart magie, of je gelooft erin. Wij, het Westen doen ons best om er in te geloven. Met of zonder spiritueel ideeënstelsel of gevoel. De ervaring loont op het eerste gezicht minder, maar pijn is onvermijdelijk aan geloof. Zelf als het niet geldt.

    De sikkel en de hamer. Henrietje, weggemaaid. De hamer, afgebroken en weer opgebouwd. De vaagheid is nog steeds troef. En de vergaring uitgangspunt. De cirkel is rond en dient doorbroken te worden. Het klinkt niet, de kink in de kabel. De leeftijd, staat stil ...

    AntwortenLöschen